Impressie van Æbbelø (Funen).

Margriet brengt me weg (is ook wel redelijk als zij de rest van de
dag de auto gebruikt) naar de Ebbevej (de ebweg) zo kan je, bij eb,
over het wad naar Æbbelø lopen; als je pech hebt en er
staat water moet je waden. Er staat zo'n 60 cm water en ze ziet me met
gemengde gevoelens te water gaan. Het lijkt ook wel een beetje gevaarlijk,
deze enorme watervlakte, maar als je het eerder gedaan hebt (en dat
héb ik, het voorgaande jaar met Hans, mijn visgenoot) valt het
wel mee. Ik voel me op alles voorbereid met waadpak ,vliegvest, rugzak
en regenjack....... Wat kan me gebeuren....... Ik loop (toch enigszins
moeizaam) door het kniehoge water.....op weg naar Æbbelø......over
de Ebbevej. Een dag tevoren hadden we samen op dezelfde plek staan kijken
naar een kunstaasvisser en z'n vriendin. Hij tot aan z'n borst in het
water, weliswaar in een waadpak, maar toch...... en zij tot net over
haar knieën.... verschil moet er wezen? Tot aan z'n borst in het
water............. zo hoog kan het water dus komen!
Maar goed, na dit enigszins prozaïsche begin heb ik wat uit te
leggen. Het geheel speelt zich af op Funen, een redelijk groot eiland
ten oosten van Jutland.....Denemarken dus. Aan de noordkust van Funen
ligt een klein eiland Æbbelø; het is privé eigendom,
maar je mag er vissen zolang je maar aan de kust blijft.
Het gaat allemaal om zeeforel, die in de Kleine en Grote Belt de laatste
jaren in steeds toenemende mate aan de kusten te vangen zijn. Het gaat
ongeveer zo: je loopt in je waadpak enz. op een geschikte plek de zee
in, je werpt een "daargeloofikin-vlieg" (voor mij is dat meestal
een garnaalimitatie) richting horizon en je vist hem, op de jouw zo
geheel eigen wijze, weer terug totdat opeens........
Een #6-hengel met een drijvende WF-lijn is prima, hoewel ik het laatste
jaar de hele tijd met een 5 heb gevist (wel een 10 voeter!) en dat ging,
ondanks de harde wind, redelijk tot zeer goed. Waar je de zee inloopt
hangt af van de informatie die je vooraf gekregen hebt van iemand die
het al eens eerder gedaan heeft. Je moet het beslist niet doen voordat
iemand je heeft ingeleid in de beginselen van deze visserij want anders
kom je aan in Denemarken en daar voel jij je dermate verloren in de
uitgestrekte leegheid van deze kustvisserij; dan gaat het niet en vervolgens
doe je het nooit meer.....
Voor mij was het Harm ten Cate die me de eerste informatie gaf, me al
een beetje gek maakte met z'n enthousiaste verhalen. Hij heeft trouwens
een schitterend boekje geschreven over dit hele gebeuren; als je er
nog aan kunt komen of het van iemand kan lenen........ doen!
Maar goed, Harm had mij enigszins geheimzinnig verteld dat Æbbelø
het einde moest zijn.....hij was er zelf nog niet eens geweest......maar
desalniettemin......
Ik waad ca 40 minuten over het wad door kniehoog water in de richting
van Æbbelø en Margriet kijkt me na. Op een gegeven moment
zie ik, omkijkend, haar en ook de auto niet meer, dus is ze op weg,
naar een dagje winkelen in Odense. Ik stap, al redelijk vochtig van
het transpireren in mijn waadpak aan land op Æbbelø Holm,
een klein eiland dat verbonden is met Æbbelø door een ca
4 km lange dijk en drink daar mijn eerste kop koffie. Een ongekend vrij
gevoel maakt zich van mij meester.... ik ben weg, los van alles en iedereen....
heerlijk.... en ik ben helemaal op mezelf aangewezen. Over de dijk lopend
zie ik dat deze gedeeltelijk is weggeslagen door de najaarsstormen.
Vorig jaar konden Hans en ik nog ongehinderd naar Æbbelø
lopen, nu moet ik stukken door het water waden.
Als ik bijna bij het eiland ben aangekomen, begin ik aan de westkant
van de dijk te vissen met een licht gekleurde garnaal a la Harm. Na
een half uur (niets gezien, niets gevoeld) zie ik een vis draaien. Ik
waad voorzichtig uit het water en sluip om de vis heen, zodat ik tijdens
het werpen de wind mee heb. Even later haak ik de vis en na een korte
dril land ik hem (of haar): een prachtige, zilverkleurige zeeforel van
ca 35 cm. Ik vis gestaag verder en ongeveer drie kwartier later zie
ik een kajuitjacht in de richting van het eiland zeilen. De schipper
legt aan en we maken een praatje in het Duits. Hij geeft me de raad
om meer aan de noordkant van het eiland te gaan vissen. Het is mij niet
duidelijk of hij misschien de eigenaar is van het eiland, want ik zie
hem een oude boerderij binnengaan en enige tijd later zie ik hem weer
met zijn boot wegzeilen.
Ik loop langs de westkant van het eiland naar het noorden en slurp onderwijl
de prachtige natuur in mij op ?...... De zee heeft de kleileem kusten
afgekalfd en zo zijn schitterende wallen ontstaan met kleine zandstrandjes.
Grote stenen van soms wel drie meter doorsnee liggen in het zand en
in het water en daartussen liggen de Tang (zeewier) velden. En daar
jagen de zeeforellen..........en daar jaag ik.......
De zon breekt door en ik maak een paar sfeerfoto's om de bijzondere
lichtval vast te leggen. Binnen enkele uren vang ik drie zeeforellen,
allemaal zo ongeveer rond de 35 cm. Twee zijn zilverkleurig en één
is prachtig oranje gekleurd op de flanken. Die is dus paairijp, heb
ik mij laten vertellen. Ik geniet van de natuur: kustwallen, stenen
in allerlei vormen en kleuren, Tangvelden en onwaarschijnlijk helder
water. Je kan alles zien, krabben, kleine visjes, garnalen, jonge platvis
die voor je voeten wegschiet en dus ziet alles jou ook...........
Uren gaan voorbij, ik vis, maak foto's, ik vang vis, geniet van de onbeschrijfelijk
mooie omgeving en al die tijd ben ik helemaal alleen. Uren lang zie
ik niemand......kom ik niemand tegen......een enkele boot met wat mensen
daargelaten, die op grote afstand voorbij vaart. Verder zie je niemand......dat
is voor mij het verrukkelijke van het kustvissen in Denemarken. Je bent
alleen of samen met je vismaat en de hele dag kom je tijdens het vissen
misschien 3 of 4 mensen tegen.
De zon begint te dalen, ik vis mijn horloge uit mijn waadpak en zie
dat ik moet opschieten, ik heb om ongeveer zes uur afgesproken met Margriet
op het vaste land..... Ik laad alles weer in mijn rugzak en begeef me
over de dijk richting wad om weer terug te lopen over de ebweg.
Vlak voor Æbbelø Holm zie ik aan de oostkant van de dijk
een prachtig Tangveld...zal ik nog even? Mijn rugzak staat al op het
strand en ik breng mijn lijn op lengte. De tweede worp loopt mijn vlieg
vast. Weer een wierplant? Dan voel ik beweging ik zet de haak en een
enerverende dril vangt aan, ik smeek dat ik deze vis mag landen, dat
hij niet losschiet en ...... na ongeveer 10 minuten kan ik een prachtige
zeeforel van 54 cm met een golf mee het strand optrekken. Het is al
behoorlijk schemerig als ik een paar foto's neem (die later bij het
ontwikkelen inderdaad nogal donker blijken te zijn) en vervolgens zet
ik de vis weer terug.
In looppas vervolg ik daarna mijn weg....gelukkig staat het water erg
laag (ca 10 cm) op het wad zodat ik snel terug kan lopen. Margriet komt
me in mijn lieslaarzen al tegemoet en opgetogen vertel ik haar van mijn
fantastische dag en van mijn vangst. Bij de auto vecht ik mij uit mijn
waadpak en we rijden in het donker terug naar ons gehuurde vakantiehuisje.
We eten heerlijk en 's avonds kan ik mijn ogen niet meer open houden......
Is dit nu altijd zo bij het forelvissen op Funen? Nee, zo kan het zijn
maar zo is het meestal niet.
Ik ben er nu 3 maal op geweest:
de eerste keer 5 dagen (met Hans): 5 zeeforellen gevangen, de grootste
41 cm.
de tweede keer 5 dagen: 4 zeeforellen, de grootste 54 cm (op Æbbelø)
de derde keer 5 dagen (met Hans): 7 zeeforellen, de grootste 42 cm.
Maar wie gaat er nu vliegvissen, alleen voor de vis? Het gaat mij zeer
zeker ook om zaken als, de natuur, dieren, planten, het weer, de prachtige
luchten en : het samen zijn met je visgenoot.
Trouwens, als je graag een bonkende, kromme hengel wilt hebben.........vis
dan eens door tot in het donker, dan komt de grotere gul plaatselijk
onder de kust en die pakken zonder problemen jouw zeeforelstreamer als
je hem vlak boven de bodem aanbiedt. Ik heb wel eens een avond van meer
dan 15 gullen in anderhalf uur meegemaakt; de grootste meer dan vijfenzestig
centimeter.
Cees Montijn